Kennisbank

  • Weetjes
  • Woordenboek

Weetjes

Sluiten

'Dat en wat'- informatie

Wanneer iemand bij CAGGB in zorg komt, dan geven wij te allen tijde de verwijzer en de huisarts bericht middels dat-informatie. We vertellen dus dat iemand in behandeling is, maar we vertellen niet wat de inhoud van de behandeling is. Als de patiënt expliciet toestemming hiervoor heeft verleend, dan mogen we ook wat-informatie geven. CAGGB communiceert digitaal alleen persoonsgegevens via beveiligd berichtenverkeer.

Dat en wat-informatie voor kind & jeugd

Of CAGGB ook het gebiedsteam en/of school in kennis stelt dat een kind of jeugdige in behandeling is, is afhankelijk van expliciet verleende toestemming van de patiënt en/of diens gezaghebbende(n). Wij betrekken school alleen als dit toevoegend is voor de behandeling. School mag ons uiteraard altijd benaderen voor het delen van zorgen, of voor het vragen van advies. Wij bepalen aan de hand van de toestemmingen of wij 'dat' of 'wat'-informatie kunnen bieden.

Verslagen delen via het patiëntenportaal

CAGGB stelt patiënten en gezaghebbenden in de gelegenheid om zelf verslagen te delen via het online patiëntenportaal. Hebt u als docent vragen, dan zijn de gezaghebbenden van het kind uw eerste aanspreekpunt. 

Sluiten

(Hetero)anamnese

De anamnese is een vraaggesprek of een vragenlijst (bij CAGGB vaak digitaal) waarin vragen over de geschiedenis van de problemen, stoornis of aandoening aan de 'patiënt zelf' worden gesteld.

Bij kinderen, maar vaak ook bij volwassenen worden ook vragen aan mensen uit de omgeving van de patiënt gesteld. Dit noemen we heteroanamnese.

Vooral als er sprake is van interactieproblemen door bijvoorbeeld ontwikkelings- of persoonlijkheidsproblematiek is het van belang de omgeving van de patiënt bij onderzoek en behandeling te betrekken.

CAGGB betrekt ALTIJD het systeem of netwerk van de aangemelde persoon bij onderzoek en behandeling.

Sluiten

Aanmeldwachttijd

Aanmeldwachttijd is de tijd vanaf de verwijzing naar CAGGB, tot aan het eerste gesprek (intake door zorgcoördinator). Daarna gaat de behandelingswachttijd in. 

Sluiten

ADHD & ADD

ADHD betekent Attention Deficit Hyperactivity Disorder, dit wordt ook wel een aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit genoemd.

ADD is geen officiële afkorting, maar wordt veel gebruikt voor mensen die vooral druk zijn in het hoofd en niet hyperactief zijn in hun gedrag. De 'H' wordt daarom weggelaten uit de afkorting. ADD zonder hyperactiviteit wordt officieel ADHD van het overwegend onoplettende type genoemd.

Sluiten

Afbouwen antidepressiva

Waar moet u op letten als u wilt stoppen met het gebruik van antidepressiva? Is afbouwen verstandig, of is doorgaan met de medicatie beter? In deze folder vindt u handige informatie over dit onderwerp. Het is verstandig om uw wens om te willen stoppen met antidepressiva te bespreken met uw behandelaar.

Patiëntfolder afbouwen of doorgaan met antidepressiva

 

Sluiten

Afspraak afzeggen

Kun je niet naar een afspraak komen? Verplaats hem dan minimaal 24 uur van tevoren door te bellen met CAGGB. Je mag ook een e-mail of portaalbericht sturen.

Wij proberen zaken zo goed mogelijk te regelen, maar diagnostiek en behandeling kunnen niet plaatsvinden als de patiënt er zelf niet is. Om jou kwalitatief goede zorg te kunnen bieden en onnodige wachtlijsten in de ggz te voorkomen, hanteren we daarom het volgende no-show-beleid:

Wanneer je twee keer niet op een gemaakte afspraak verschijnt zonder afzegging of zonder op tijd te hebben afgezegd, dan zal de diagnostiek en/of behandeling bij CAGGB worden beëindigd en wordt de verwijzer hiervan in kennis gesteld. Indien je op een later moment in de gelegenheid bent om je toch volledig in te zetten, dan kan een heraanmelding plaatsvinden en een vervolg worden besproken.

Naar contact

Sluiten

ASS

Autisme werd voorheen onderverdeeld in verschillende vormen zoals klassiek autisme, Asperger en PDD NOS. Sinds enkele jaren worden deze benamingen niet meer gebruikt en vallen alle vormen onder ASS, oftewel Autisme Spectrum Stoornis. 

ASS is een ontwikkelingsstoornis, het is aangeboren. De prikkelverwerking, dus wat men ziet, hoort, ruikt, voelt etcetera, verloopt bij mensen met een ASS anders dan bij mensen zonder een ASS. Mensen met een ASS ervaren zichzelf en de wereld om zich heen op een andere manier. Hoewel deze andere beleving soms (interactie)problemen met zich meebrengt, hebben mensen met een ASS vaak bijzondere talenten.

Sluiten

Behandelingswachttijd

Behandelingswachttijd is de tijd tussen de intake en het daadwerkelijke begin van de behandeling.

Sluiten

Betrekken derden

Als patiënt van CAGGB kunt u een onafhankelijk(e) persoon of instantie inschakelen bij onderzoek en/of behandeling en hebt u het recht u te laten ondersteunen door een derde. Indien nodig of wenselijk kunnen ook anderen (na uw schriftelijke toestemming) uit uw omgeving bij de behandeling worden betrokken (bijvoorbeeld de school van uw kind).

Betrokkenheid nieuwe partners/stiefouders

Bent u gescheiden en hebben u en uw partner beide het gezag? Dan dient u allebei toestemming te geven voor het betrekken van een nieuwe partner (stiefouder) bij de behandeling van uw kind (tot 16 jaar). Kinderen die ouder zijn dan twaalf jaar moeten zelf ook toestemming geven voor het betrekken van stiefouders.

Wij gaan ervan uit dat alle wettelijke vertegenwoordigers op de hoogte worden gebracht van afspraken (bijvoorbeeld in het kader van onderzoek, advies en behandeling) en voortgang via de ouder bij wie het kind staat ingeschreven.

Als overleg tussen de ouders niet mogelijk is, is de ouder bij wie het kind staat ingeschreven verantwoordelijk voor het bij CAGGB kenbaar maken hiervan.

Sluiten

Consultatie

Hebt u behoefte aan overleg, of hebt u zorgen over een leerling? Stuur ons dan een terugbelverzoek. Wij nemen dan contact met u op om uw zorgen te bespreken.

Bent u huisarts, of verwijzer in de eerste lijn? Dan kunt u via de secretaresse een belafspraak aanvragen met de behandelaar van de door u verwezen patiënt. 

Sluiten

Diagnose-overstijgend

CAGGB is een algemene polikliniek voor kinderen, jongeren en volwassenen die psychische problemen ervaren. Wij bieden die zorg die het beste past bij de persoon die hulp vraagt.

De hulpverleners van CAGGB zetten zich in om persoonlijke vraagstukken te begrijpen en te behandelen. Dit betekent dat wij verder kijken dan de diagnose: wij bieden altijd persoonlijke zorg op maat.

De hulpvrager wordt dus niet op het zorgpad van de vermoedelijke diagnose gezet (diagnose-gericht), maar krijgt een persoonlijk zorgpad (diagnose-overstijgend). Veel mensen blijken namelijk niet te passen binnen de diagnose-gerichte zorgpaden. Dit komt omdat er, naast de symptomen van de diagnose, andere kwetsbaarheden zijn die klachten veroorzaken. Deze kwetsbaarheden vragen ook aandacht en zorg.

Kwetsbaarheden kunnen verschillend van aard zijn: biologisch (bijvoorbeeld het hebben van veel stresshormonen), psychologisch (bijvoorbeeld een sterke neiging hebben om overal gevaar in te zien) en/of sociaal (bijvoorbeeld het vermijden van ruzie).

Bij CAGGB gaan we ervan uit dat bij mensen die bij ons komen, de balans tussen kwetsbaarheden en beschermende factoren is verstoord. Het hervinden van de balans is een belangrijk doel. Wij bereiken dit door met name in te zetten op de beschermende factoren. Samen kijken we hoe we de draagkracht kunnen versterken, zodat de last beter ‘te dragen is’.

De tijd is rijp voor diagnose-overstijgend onderzoeken en behandelen!

Sluiten

Duur behandeling

Het is lastig om bij aanvang van de behandeling precies te zeggen hoe lang een behandeling gaat duren. Na het eerste gesprek geeft de behandelaar van CAGGB wel een indicatie aan voor de duur van de behandeling en maken we afspraken voor evaluatiemomenten.

Als u door meerdere hulpverleners behandeld wordt, worden de afspraken (zoveel mogelijk) gezamenlijk gepland of gecombineerd. Op deze manier wordt voorkomen dat u vaker hetzelfde verhaal moet doen en de behandeling onnodig langer duurt. Bovendien hoeft u dan niet vaker naar Buitenpost te komen dan noodzakelijk.

Sluiten

Groepsbehandeling

CAGGB biedt naast individuele behandeling ook groepsbehandeling. Behandeling in een groep schrikt sommige mensen in eerste instantie af. Het lijkt eng, jezelf blootstellen aan een groep. Het is spannend; jouw verhaal en ervaringen delen met groepsleden. Maar juist die spanning maakt dat groepsbehandeling kan bijdragen aan het effect van de totale behandeling.

Bezwaren die soms voor de groepsbehandeling worden gehoord, zoals; 'ik ben liever op mezelf', 'ik wil niet wéér hoeven luisteren', 'ik heb niets aan een ander zijn problemen', blijken al na de eerste sessies naar de achtergrond te verdwijnen. Het effect van behandeling in een groep wordt al snel duidelijk:

  • In een groep vind je herkenning
  • In een groep ontmoet je mensen die écht begrijpen wat jij voelt, iedereen staat voor dezelfde soort uitdagingen
  • In een groep leer je van elkaar, niet alleen van de behandelaar
  • In een groep zie je hoe een ander met problemen omgaat, dit kan een heel ander licht op jouw situatie werpen

Sociale wezens

Mensen zijn sociale wezens, in de basis vinden we het fijn om deel uit te maken van een groep. Je kunt elkaar steunen en helpen, samen vorm je de kracht van de behandeling. Uiteraard wordt er ook gewerkt aan ieders individuele herstel, door bijvoorbeeld persoonlijke oefeningen en huiswerk. De behandelaar houdt zicht op ieders voortgang.

Groepsbehandeling bij CAGGB

CAGGB biedt groepsbehandelingen voor kinderen, jongeren en volwassenen. Meestal bestaan de groepen uit 6-8 deelnemers, die 8-10 sessies samenkomen. Vaak vormt de groepsbehandeling het vervolg op individuele behandeling. Maar het volgen van alleen een groepsbehandeling komt ook voor.

Sluiten

Handige boeken

Op zoek naar een goed en betrouwbaar boek over een bepaalde problematiek of behandeling? CAGGB zette betrouwbare informatie voor u op een rij. We maakten ook een aparte pagina met handige online informatie.

Boeken voor ouders

Sociaal onhandig – de opvoeding van kinderen met PDD-NOS en ADHD (C.A.J.M. van der Veen)

Oplossingsgericht opvoeden - Doen en denken in mogelijkheden (Lara de Bruin en Rian Meddens)

Zit stil – handleiding voor het opvoeden van overbeweeglijke kinderen (Theo Compernolle)

Geef me de 5 – een praktisch houvast bij de begeleiding van kinderen met autisme (Colette de Bruin)

Slim maar … – help kinderen hun talenten benutten door hun executieve functies te versterken; een helder en praktisch boek voor ouders van pubers met ADHD-problematiek (Peg Dawson en Richard Guare)

Pubers en uitgaan – de kicks, de risico’s en de uitdagingen voor opvoeders (Ninette van Hasselt)

Boeken voor kinderen

De autisme survivalgids (Maaike Devos en Luc Descamps)

Heb ik dat? over Tourette enzo (Janneke Helling-van Rheenen)

De AD(H)D survivalgids (John F. Taylor)

De dyslexie survivalgids (Annemie de Bondt en Luc Descamps)

ADDaisy (Tirtsa Ehrlich)

ADDavid (Tirtsa Ehrlich)

Ff wachtuh! (Hans Mijnders), een kinderboek over online pesten

Hoe maak ik een vriend? (Evelien de Vlieger)

Heibel in m’n hoofd (Guurtje Leguijt), een kinderboek over autisme

Allerlei mooie boeken: www.ninoboeken.nl

Boeken voor leerkrachten

Pedagogische adviezen voor speciale kinderen (Trix van Lieshout)

Wiebel & Kriebel is een uniek voorleesboekje dat de fantasie prikkelt en uitdaagt tot springen, rennen, rollen, lachen, gillen én gezond eten.

Sluiten

Handige websites

Op zoek naar goede en betrouwbare websites over een bepaalde problematiek of behandeling? CAGGB zette betrouwbare informatie voor u op een rij. We maakten een aparte pagina met handige boeken over problematiek en behandelingen.

Volwassenen

www.psychischegezondheid.nl
Fonds Psychische Gezondheid streeft naar een samenleving waarin mensen niet alleen lichamelijk, maar ook psychisch gezond zijn. Hiervoor is meer kennis en inzicht in psychische problemen nodig. Niet alleen over het ontstaan van psychische problemen, maar ook over hoe je ze kunt voorkomen en behandelen. Hiermee valt veel winst te behalen. 

https://wijzijnmind.nl/
MIND wil psychische problemen voorkomen en mensen die hiermee te maken hebben ondersteunen. Dit doen we door informatie te bieden, onderzoek te doen, projecten uit te voeren en actie te voeren. We voeren actie voor meer aandacht voor psychische problemen en we geven mensen met psychische problemen en hun naasten een stem richting de politiek.

Kinderen en Jongeren

www.brainwiki.nl
Brainwiki is een product van het Landelijk Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie. De website is ontwikkeld voor jongeren met psychische problemen én hun omgeving. De site geeft informatie over deze problemen maar besteedt ook veel aandacht aan het leven zelf. Kinderen zijn immers veel meer dan alleen de stoornis die ze hebben.

Ouders

www.kenniscentrum-kjp.nl
Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie verspreidt wetenschappelijk onderbouwde kennis, die ook toegankelijk is gemaakt voor ouders.

 

Sluiten

HKZ certificering

CAGGB is HKZ-gecertificeerd
CAGGB beschikt over het keurmerk van Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector (HKZ). Dit staat voor duurzame kwaliteitsverbetering in zorg en welzijn en wordt jaarlijks getoetst door een onafhankelijke certificerende instelling. Onderstaande video legt uit hoe HKZ werkt.

 

 

Sluiten

Hulphond & CAGGB

Dieren worden niet toegelaten tot onze praktijk, ook niet in de wachtkamer. Voor hulphonden en blindengeleidehonden kunnen we een uitzondering maken, maar u moet dit vooraf aanvragen bij de secretaresse. Neem contact op voor het aanvragen van toegang van een hulphond.

Wat is een hulphond volgens CAGGB?

Onder hulphonden verstaan wij honden die worden gebruikt door mensen met diabetes, epilepsie of motorische beperkingen. Blindengeleidehonden en hulphonden worden alleen geaccepteerd als zij getraind zijn door een erkende trainingsinstantie. De hulphond moet bovendien een standaard identificerend jacket/harnas dragen terwijl hij dienst doet. Wij accepteren het identiteitsplaatje dat aan het harnas van de hond is bevestigd, en het identiteitsbewijs van de eigenaar.

N.B.: Therapiehonden worden niet toegelaten in onze praktijk. Therapiehonden zijn er voor mensen met gedragsproblematiek, zoals ASS (autisme spectrum stoornis), verstandelijke en/of meervoudige beperkingen.

Waarom mag mijn huishond niet naar binnen?

Bij CAGGB komen volwassenen en kinderen voor therapie en behandeling en is aanwezigheid van een therapiehond eerder afleiding dan van waarde. Verder is sprake van overlast voor andere patiënten en hulpverleners vanwege allergieën, (extreme) angst voor honden en een hondengeur in de behandelruimtes.

Sluiten

Identificatieplicht

Als u zorg nodig hebt, bent u volgens de Zorgverzekeringswet verplicht om een geldig identiteitsbewijs (paspoort, ID-kaart of rijbewijs) te laten zien aan uw zorgverlener. CAGGB verlangt van u dat u uw geldige identiteitsbewijs (of dat van uw kind, afhankelijk van wie de behandeling ondergaat) voorafgaand aan uw eerste afspraak toont aan de assistente bij de balie.

Als u geen ID-bewijs kunt tonen, loopt u het risico zelf uw zorgkosten te moeten dragen. De legitimatieplicht in de zorg geldt voor iedereen, dus ook voor kinderen. Lees meer over de identificatieplicht op de website van de overheid.

Identiteitsbewijs nodig? Naar de gemeente!

U kunt een ID-bewijs aanvragen op het gemeentehuis. Deze aanvraag duurt ongeveer vijf werkdagen. Een ID-kaart voor kinderen kost max. € 28,63 en voor volwassenen max. € 50,22. De kosten verschillen per gemeente. Lees meer over de kosten van identiteitsbewijzen op de website van de overheid.

Sluiten

Intake

Tijdens het eerste telefoongesprek (tele-intake) gaan we de hulpvraag en de achtergrond daarvan verhelderen. Samen met een 'zorgcoördinator wordt onderzocht of de hulpvraag aansluit bij de hulpverlening die CAGGB biedt. Enkele weken na de tele-intake per telefoon vindt de vervolg-intake plaats op de praktijk. De vervolg-intake vindt plaats op een ochtend.

Sluiten

Kindermishandeling

Als een kind ingrijpende, traumatische gebeurtenissen meemaakt, zien we dat hun vertrouwen in de buitenwereld aangetast wordt. Ze zijn vaak bang en voelen zich onveilig. Ze kunnen weer afhankelijker worden en terugvallen in ‘jonger’ gedrag, zoals niet meer alleen durven zijn, bang in het donker en bedplassen. Vaak is ook hun vertrouwen in zichzelf aangetast. De buitenwereld heeft hen iets ergs aangedaan en zelf hebben ze zich er geen raad mee geweten. Ze kunnen hierdoor onrustiger zijn, maar zich ook schuldig voelen en zich schamen.

Ook is soms hun vertrouwen in de ouders aangetast. Vooral jonge kinderen hebben het idee dat hun ouders machtig zijn en hen tegen alles kunnen beschermen. Het is mogelijk dat u zelf ook nog schuldgevoelens hebt. Uw kind zal weer wat vertrouwen moeten krijgen in zijn of haar directe omgeving en in zichzelf.

Regels en regelmaat
U kunt het wereldje van uw kind weer een beetje veilig maken door goed te letten op duidelijke opvoedingsregels, gewoontes en regelmaat. Mogelijk komt u in de verleiding om uw kind te ontzien omdat het zoiets ergs heeft meegemaakt. U kunt dan beter extra aandacht geven door bijvoorbeeld eens vaker iets samen te doen, maar juist niet toegeeflijker zijn in de opvoeding. Vaste en duidelijke regels en regelmaat heeft uw kind juist in deze tijd nodig.

Het vertrouwen herstellen
Wel kan het nodig zijn dat u een stapje terug doet. Dat u uw kind bijvoorbeeld weer een tijdje naar school brengt omdat het niet alleen durft, of dat het een nachtlampje aan mag hebben omdat het bang in het donker is. Misschien moet u ook accepteren dat uw kind weer een tijdje in bed plast.

Het is belangrijk dat u uw kind het gevoel probeert te geven dat u er voor hem of haar bent en dat u beschikbaar bent. Dat vraagt meer van u, maar het kan uw kind helpen om weer wat vertrouwen te krijgen.

Complimentjes en bedankjes voor de dingen die uw kind goed doet, ook al zijn ze klein en onnozel, kunnen uw kind helpen weer vertrouwen in zichzelf te krijgen.

Uiten gevoelens
De ingrijpende ervaringen die uw kind heeft meegemaakt kunnen bij hem of haar allerlei gevoelens oproepen. Ze kunnen bang zijn, boos of machteloos, maar ook kunnen ze zich schamen of zich schuldig voelen. Ze kunnen boos worden op de daders maar ook op u als ouders. Dat laatste lijkt misschien onredelijk, maar u kunt het ook positief zien. Blijkbaar voelen ze zich bij u zo veilig dat ze bij u hun boosheid durven laten zien.

U zult er rekening mee moeten houden dat de kinderen op onverwachte momenten met onverwachte gevoelens kunnen reageren. Niet elk kind laat zijn of haar gevoelens echter altijd zo duidelijk zien. Sommige kinderen trekken zich terug. Anderen reageren vooral met moeilijk en onrustig gedrag.

Het is belangrijk dat u er voor uw kind bent en dat u uw kind de gelegenheid geeft om zijn of haar gevoelens te tonen en om te praten.

Het is veel belangrijker dat uw kind zijn of haar gevoelens kan uiten dan dat het precies vertelt wat het allemaal heeft meegemaakt. Het uiten van gevoelens moet wel veilig kunnen gebeuren voor uw kind zelf en voor anderen. Als uw kind boos is, mag hij of zij bijvoorbeeld wel schreeuwen, op een kussen slaan of tegen een muur schoppen, maar niet zichzelf of anderen beschadigen.

Kinderen hebben verschillende manieren om datgene wat hen overkomen is te verwerken en om weer een beetje baas te worden over zichzelf. Hun gevoelens uiten en erover praten zijn zulke manieren. Maar ook nare dromen, hoe vervelend die ook kunnen zijn, horen erbij. In hun dromen kunnen kinderen de ingrijpende gebeurtenissen weer opnieuw beleven, maar in dromen kunnen ze er ook de baas over worden door de gebeurtenissen een andere afloop te geven.

Kinderen kunnen ook in hun spel en in tekeningen hun ervaringen laten zien.

Herhalen/kopiëren misbruik
Ook moet u er rekening mee houden dat de kinderen datgene wat hen is overkomen kunnen gaan herhalen door het bij zichzelf of bij andere kinderen te doen. Deze herhalingen kunnen hen een gevoel van macht geven, van de baas zijn in plaats van slachtoffer. Praten, dromen, tekenen en spel kunnen goede manieren zijn om de ingrijpende ervaringen te verwerken. Het herhalen van het misbruik en de mishandeling maakt henzelf of andere kinderen echter weer tot slachtoffer.

U en anderen in de omgeving zullen erop moeten letten dat de kinderen de mishandeling niet gaan herhalen. Als het wel gebeurt, zal direct ingegrepen moeten worden om dit te voorkomen.

Praten over wat er is gebeurd
Het is belangrijk dat uw kind de gelegenheid krijgt om zijn of haar gevoelens te uiten en om zijn of haar verhaal te kunnen vertellen. Kinderen gaan er echter bijna nooit speciaal voor zitten om te praten, zoals volwassenen dat doen. Kinderen praten gemakkelijker als ze iets aan het doen zijn, bijvoorbeeld als je samen aan tafel zit te knutselen of als je even langer boven blijft bij het naar bed brengen. Op die manier kunt u uw kind de gelegenheid bieden.

Praten is echter niet het belangrijkste. Dring wat dat betreft niet aan. Uw kind mag zelf bepalen wat hij of zij vertelt en wanneer het dat doet. Als uw kind ’s nachts wakker schrikt, is het belangrijk dat u laat merken dat u er voor uw kind bent en dat u hem of haar geruststelt. Ga ’s nachts niet uitgebreid praten over wat uw kind heeft gedroomd. Stel hem of haar gerust, dat het veilig in bed ligt en dat er nu niets kan gebeuren. De nachtrust van uw kind en van uzelf zijn ook belangrijk.

Moeilijk of lastig gedrag
Kinderen kunnen ook met allerlei moeilijk of lastig gedrag op hun ingrijpende ervaringen reageren, zoals grof taalgebruik, steeds uit bed komen, bedplassen en dergelijke.

Sommige dingen, vooral die waar uw kind zelf minder aan kan doen (zoals bedplassen), zult u tijdelijk moeten accepteren. Andere gedragingen vragen echter om een actievere aanpak. Verschillende manieren zijn dan mogelijk:

Soms vraagt het kind om duidelijkheid en moet u duidelijke regels stellen
Als u het idee hebt dat uw kind er ook negatieve aandacht mee ‘vraagt’, kan negeren helpen
Soms helpt het om er rustig over te praten
Maak er in ieder geval geen machtsstrijd van, soms werkt een humoristische aanpak dan beter
Voor alles, maar zeker ook voor dit laatste geldt bij aanhoudende problemen: raadpleeg uw eigen hulpverlener.

Kinderboeken over seksueel misbruik


Katrin Meier / Annette Bley
Knuffel heeft zorgen
Een prentenboek over seksueel misbruik.
Uitg.: C. de Vries-Brouwers ISBN 9061749875

Virginie Dumont
Ik ben bang voor die meneer
Een boek voor kinderen om te leren angsten onder woorden te brengen en voor ouders om te leren luisteren, begrijpen en de juiste vragen te stellen.
Uitg.: Van Buuren uitgeverij, Weert ISBN 9056950460

Serie therapeutische verhalen van Martine Delfos:
Blijf van me af!
Over seksueel misbruik bij jongens
ISBN 9063861141
Blijf van me af!
Over seksueel misbruik bij meisjes
ISBN 9063861133
Het is niet leuk!
Over kinderen die andere kinderen seksueel misbruiken
Uitg.: Harlekijn Uitgeverij ISBN 906386115

Sluiten

Logo CAGGB

Bij CAGGB staat het kind zowel letterlijk (in het logo) als figuurlijk op de voorgrond. Het kinderhoofdje dat voor het volwassenenhoofd is geplaatst heeft dan ook de primaire kleur rood.

Logo CAGGB

Achter het kind staat de volwassene, in de meest ideale situatie de ouder. Bij CAGGB worden ouders en andere naasten zoveel mogelijk betrokken bij  onderzoek en behandeling.

De pompeblêden staan voor de mogelijkheid die CAGGB biedt om je in je 'memmetaal' uit te drukken. Pompeblêden kun je ook zien als hartjes, die in ons logo dichtbij het hoofd staan: gevoel en verstand dicht bij elkaar.

Sluiten

Medicijngebruik in het verkeer

Kunt u veilig rijden met uw medicatie? Wat zijn alternatieven als dit niet gaat? Waar moet u op letten als u deel wilt nemen aan het verkeer? Deze folder biedt informatie over medicatie in het verkeer.

Sluiten

Online therapie

Online zorg klinkt misschien een beetje onpersoonlijk, maar onderstaande pagina’s zijn zeker effectief. Behandeling via internet heeft als bijkomend voordeel dat het overal en altijd kan, zolang u over een apparaat met internetverbinding beschikt.

CAGGB selecteerde een aantal online behandelvormen van onze ketenpartners:

Kleur je leven (depressie)

Grip op je dip (depressie jongeren)

PratenOnline (depressie jongeren)

KopOpOuders.nl (opvoedondersteuning voor ouders met stress, psychische en/of verslavingsproblemen)

GGNet Jeugd

Interapy

Chat met Fier

Sluiten

Oud & nieuw prikkelarmer vieren

Oud & Nieuw valt doorgaans ergens middenin de kerstvakantie. Twee weken vol feestelijkheden, familiebezoek, uitjes, cadeautjes, versieringen en lekker eten. Een periode die voor menig kind met autisme of AD(H)D bol staat van de spanningen, prikkels en onverwachte gebeurtenissen. En dan is sinterklaas nog maar net achter de rug! Hieronder tien tips om de laatste dag van het jaar zo stressloos mogelijk door te komen.

1. Creëer lang van tevoren al duidelijkheid en voorspelbaarheid met een aftelkalender en schema voor de hele kerstvakantie. Wat gaat er gebeuren van dag tot dag. Ook ‘lege’ dagen kun je invullen: geen afspraken vandaag, tijd om bij te komen, puzzel maken, met je nieuwe speelgoed spelen, film kijken … Maar maak ook een gedetailleerd schema voor Oud & Nieuw zelf. Wie komen er op bezoek en hoe laat? Welke spelletjes gaan jullie doen? Wat gaan jullie kijken op televisie? Wat wordt er gegeten? Gebruik eventueel pictogrammen als je kind dat fijn vindt of als hij of zij nog heel jong is.

2. Zoek de rust op in deze drukke tijden, laat je niet te veel leiden door wat andere mensen vinden dat moet. Plan desnoods geen bezoek. Het belangrijkste is dat jij en je gezin genieten van deze periode, en van hot naar her rennen voor allerlei sociale verplichtingen, hoort daar misschien helemaal niet bij. Kom je er toch niet onderuit om rond Oud & Nieuw ook nog andere afspraken met het hele gezin te hebben? Zorg dan voor een paar rustige dagen vóór en ná zo’n sociale happening.

3. Ga overdag lekker uitwaaien op het strand of in een bos, waar je minder kans hebt op grapjassen die met rotjes gooien. Doe het rustig aan en probeer zoveel mogelijk stress en last-minute inkopen en bezoekjes te vermijden.

4. Is je kind heel angstig voor vuurwerk? Overweeg dan om een paar dagen rond Oud & Nieuw naar een vuurwerkvrij vakantiepark te gaan. Er zijn steeds meer bungalowparken die hun locaties vuurwerkvrij houden. Vooral veel mensen met honden - die ook niet zo gek zijn op vuurwerk - kiezen daarvoor, maar ook mensen met autisme zoeken steeds vaker de rust op in een vakantiepark tijdens de feestdagen.

5. Is het financieel of anderszins geen optie om naar een vuurwerkvrij vakantiepark te vertrekken, maar heeft je kind wel veel last van de knallen en de felle lichten van vuurwerk? Dan kunnen een geluiddempende koptelefoon of oordopjes al wat van het ergste lawaai wegnemen. Een zonnebril werkt, ook middenin de nacht, goed tegen de lichtflitsen. Misschien lukt het wél om vanachter het raam te kijken naar het vuurwerk. Als dat al te veel is: gordijnen dicht en helemaal niet kijken. Voor sommige kinderen werkt het ook om de dagen vóór Oud & Nieuw alvast te oefenen met vuurwerkgeluiden en beelden op tv.

6. Leg vooral veel uit en pas op met terloopse opmerkingen als: ‘Het lijkt wel oorlog met al die knallen.’ Dat kan, zeker voor kinderen die taal letterlijk nemen, al het lawaai alleen maar enger maken. Neem de angst voor de harde geluiden serieus, maar relativeer wel elke keer en leg uit hoe het komt dat vuurwerk zo’n hard geluid maakt. Als je kind snapt hoe het technisch werkt, op zijn niveau, kan dat al een deel van de angst wegnemen. Kijk op deze link van wetenschapsmuseum Nemo, voor een leuke uitleg over vuurwerk.

7. Is je kind juist helemaal niet bang voor vuurwerk, en is hij of zij iets té enthousiast? Besteed dan vooral veel aandacht aan de veiligheid. Zet een goede veiligheidsbril op, doe stevige, niet brandbare handschoenen aan (bijvoorbeeld van leer), vertel je kind hoeveel afstand hij moet houden (je kunt ook met stoepkrijt een streep trekken waar de kinderen achter moeten blijven), en zet een emmer water neer voor noodgevallen. Ruim de resten van het vuurwerk op na het feest en dompel dubieuze stukken vuurwerk die niet of half zijn ontbrand onder in de emmer voordat je ze weggooit.

8. Wat doe je als het twaalf uur is? Vertel van tevoren precies wat er van je kind wordt verwacht. Bijvoorbeeld: Je zegt ‘Gelukkig Nieuwjaar', geeft een kus en je proost met champagne of limonade. Je kunt dat zo gedetailleerd doen als jouw kind nodig heeft. Niet ieder kind wil een kus geven; dan is een knuffel of een hand natuurlijk ook prima. Dat kun je ook vooraf afspreken: je zusje geef je een kus en oom Rick krijgt een hand.

9. Hoe ziet 1 januari eruit? Gaan jullie de hele familie af om gelukkig Nieuwjaar te wensen, of hou je het rustig? Doe vooral wat jou het beste lijkt voor jouw kind en jouw gezin. Je kunt ook via de telefoon de familie afgaan en over een paar dagen, als de rust is weergekeerd, een bezoekje plannen … Bespreek in elk geval ook vooraf met je kind hoe deze dag eruit gaat zien. Dat kan wat van de spanning wegnemen op oudjaarsavond.

10. Misschien heb je je huis al niet zo uitbundig versierd, omdat jouw kind daar te onrustig van wordt. Maar staat er wel een kerstboom? Dan staat die er waarschijnlijk ook nog met Oud & Nieuw. Wanneer wordt die weer afgetuigd? En wat gaat er met de oude kerstboom gebeuren? Kortom: spreek van tevoren met je kind af wanneer alle versieringen in en om het huis, en dus ook al die extra prikkels, weer weggaan.

Bron: www.autisme.nl

 

Sluiten

Privacy en geheimhouding

Eén van de allerbelangrijkste regels in de medische wereld is de geheimhoudingsplicht. Ook CAGGB kent absolute geheimhouding voor haar patiënten.

Uw behandelaar bij CAGGB beschermt uw privacy en bewaakt deze. Behandelingen vinden alleen plaats op plekken die afgeschermd zijn, dus daar waar alleen de behandelaar en eventuele groepsgenoten u kunnen horen. Uiteraard mag u als patiënt mensen meenemen naar uw behandeling, zij mogen met uw goedkeuring aanwezig zijn. 

Privacy Medisch Dossier
Uw medisch dossier is alleen ter inzage aan de behandelaar en degenen die betrokken zijn bij de behandeling. De behandelaar mag geen enkele informatie aan derden verstrekken (inclusief directe familie), tenzij de patiënt daar uitdrukkelijk toestemming voor heeft gegeven of als de wet de behandelaar daartoe verplicht. 

Privacy na overlijden
Het beroepsgeheim vindt zijn grondslag in het recht van de patiënt op geheimhouding van zijn persoonlijke gegevens. Dit recht op bescherming van de privacy ligt besloten in artikel 10 van de Grondwet. Het overlijden van een patiënt betekent niet dat diens privacy niet meer beschermd hoeft te worden. Ook na de dood hebben derden geen recht op inzage in het dossier, tenzij de behandelaar zeker weet dat de patiënt daartegen geen bezwaar gehad zou hebben.

Sluiten

Risico's van behandeling

Behandeling is effectief als de verandering die optreedt gewenst is. Het grootste risico van behandeling is ongewenste verandering. In dat geval kunnen we beter naar alternatieven zoeken.

Effecten en neveneffecten van behandelingen

Voordat u met een behandeling begint, ontvangt u informatie over mogelijke effecten. We leggen uit waarom deze behandeling voor u de beste is en bespreken de alternatieven. Tijdens die bespreking kunt u uw vragen stellen, maar dat kan natuurlijk ook tijdens de behandeling.

Veranderde persoonlijkheid

Door medicatie verandert het gedrag, niet uw persoonlijkheid. Van patiënten horen we wisselende zaken over  het gebruik van medicijnen. Sommigen zeggen dat het hun helpt om zichzelf te kunnen zijn, anderen vinden dat ze er minder creatief en eigen door worden. Wat u er ook van vindt, of hoe u het ook ervaart, u kunt elke behandeling weigeren.

Risico op misbruik van opiaten

In de geneeskunde worden veel opiaten gebruikt. Opiaten hebben een sterk verdovende en pijnstillende werking. Sommige opiaten kunnen gemakkelijk worden misbruikt. Het is van belang dat ouders en patiënten bekend zijn met de risico’s hiervan. CAGGB informeert u volledig bij het gebruik van opiaten.

 

Sluiten

ROM - Resultaatmeting

CAGGB werkt met verschillende soorten vragenlijsten. Deze vragenlijsten geven ons informatie over het soort klachten, de ernst van de klachten en de mogelijke oorzaken hiervan. 

De vragenlijsten worden ingezet bij iedere patiënt. Kinderen en jongeren starten met de SDQ (Strengths and Difficulties Questionnaire)-vragenlijst voorafgaand aan de intake. Volwassenen vullen de BSI (Brief Symptom Inventory)-vragenlijst in. Doordat we aan het begin, in het midden en na afloop van een behandeling vragenlijsten laten invullen, kunnen we de resultaten eenvoudig vergelijken en met u bespreken. De behandeling kan daardoor eventueel ook worden bijgesteld.

Naast vragenlijsten voor volwassen (BSI) en vragenlijsten voor kinderen (SDQ) zijn er vragenlijsten om de opvoedkundige stress bij ouders te meten: de OBVL. Deze vragenlijsten wordt vooral ingezet om het effect van mediatie (een behandeling waarbij via de ouders invloed wordt uitgeoefend op het gedrag van het kind) te meten.

Meldt u zich aan bij CAGGB, dan ontvangt u in een e-mail van Telepsy de link naar de BSI/SDQ. De vragenlijst kunt u online invullen en versturen. Uw behandelaar ontvangt vervolgens bericht met de scores.

Sluiten

Screening

Bij CAGGB worden alle aanmeldingsgegevens eerst gescreend door een zorgcoördinator, ook wel triagist genoemd. Deze medewerker beoordeelt door welke hulpverlener u het beste geholpen kan worden. Hierbij maakt de zorgcoördinator een aantal belangrijke afwegingen.

Allereerst wordt de verwijzing van de huisarts beoordeeld en staat zijn advies centraal. Daarna volgt de vraag welk specialisme het beste past bij uw hulpvraag zoals vermeld op het aanmeldformulier en eventueel eerdere rapportages. Ook wordt gekeken of u op het aanmeldformulier nog een specifieke voorkeur voor een hulpverleningstraject hebt aangegeven. Vervolgens wordt gekeken welke hulpverlener u het snelst van dienst kan zijn.

Uit de screening kan ook blijken dat u buiten onze instelling beter geholpen kunt worden. In dat geval wordt u met een advies voor vervolgbeleid terugverwezen naar uw huisarts/verwijzer.

 

Sluiten

Sinterklaas prikkelarm(er) vieren

De Sinterklaas-tijd is voor veel kinderen een aaneenschakeling van hoogtepunten met de intocht, schoen zetten, verlanglijstjes maken, bezoek(en) van Sint en Piet aan school, sport- en buurtvereniging. Soms komt de goedheiligman voorafgaand aan pakjesavond ook nog op het werk van (een van) de ouders. Op 6 december zijn veel ouders opgelucht dat de Sinterklaas-tijd voorbij is. 

Voor kinderen met ADHD, ADD of een ASS is de Sinterklaas-tijd erg intensief. Naast de gebruikelijke energie, kost het hun extra energie om alle verwachtingen, contactmomenten en onvoorspelbaarheden te reguleren. Sinterklaas-tijd is hierdoor niet altijd een plezierige periode, maar juist een uitputtingsslag.

Als je kind AD(H)D of een ASS heeft, dan kun je als ouder best wat invloed uitoefenen om de Sinterklaas-tijd voor jouw kind zo aangenaam mogelijk te maken. Onderstaande tips komen van de website Balans Digitaal

Tip 1: Verstop de folders van de speelgoedketens die in de brievenbus vallen. Geef ze op een geschikt moment aan je kind, liefst zo laat mogelijk.

Tip 2: Overweeg om het Sinterklaasgeheim te onthullen. Dat kan voor problemen zorgen met leeftijdsgenootjes die het geheim nog niet kennen, maar als je denkt dat jouw kind er veel rust door krijgt, is het misschien toch de moeite waard. Sommige kinderen worden heel angstig of onrustig van het idee dat Sinterklaas ’s nachts over het dak loopt en dat Pieten elk moment door de schoorsteen naar binnen kunnen komen.

Tip 3: Maak vooraf samen met je kind een ‘Sinterklaasdraaiboek’. Houd je consequent aan deze planning. Gebruik indien nodig pictogrammen om de planning te visualiseren.

Tip 4: Wees concreet. Zeg bijvoorbeeld niet: ‘Straks gaan we naar de intocht’, maar noem het tijdstip.

Tip 5: Laat je kind zo min mogelijk Sinterklaasprogramma’s zien op de televisie. Het wordt op school, op straat en in winkels al genoeg met het feest geconfronteerd.

Tip 6: Laat je kind niet meer dan twee à drie artikelen op zijn verlanglijstje zetten. Sommige kinderen zetten erg veel dingen op het lijstje en dan valt het resultaat zwaar tegen. Anderen vinden het al moeilijk om drie dingen te kiezen.

Tip 7: Koop vooraf samen met je kind de cadeautjes en pak ze ook samen in. Laat je kind eventueel ook zelf het papier kiezen zodat het weet: die blauwe pakjes, die zijn van mij. Indien het Sinterklaasgeheim nog niet is onthuld, kan je bijvoorbeeld zeggen: ‘Sinterklaas heeft gebeld en hij heeft mij aangeraden om alvast zelf de cadeautjes te gaan kopen omdat hij denkt dat jij dat prettiger vindt.’

Tip: 8: Beperk het schoenzetten tot één à twee keer. Koop het schoencadeautje vooraf samen.

Tip 9: Vraag aan school of je kind zich aan het feest mag onttrekken als het hem teveel wordt. Het is fijn voor je kind als school vooraf een rustige plek aanwijst waar het dan heen kan gaan. Vraag of het daar gewoon zijn snoep en zijn cadeau kan krijgen. Denk je dat jouw kind echt beter thuis kan blijven als Sinterklaas langskomt op school, vraag dan verlof aan.

Tip 10: Laat je kind weten dat Sinterklaas op 6 december ook weer weggaat. Neem dat moment ook duidelijk vooraf op in de planning.

Sluiten

Slaaptips

Collega ggz-instelling Slaapmakend heeft een handig boekje uitgebracht met uitgebreide informatie over slaap en goede slaaptips. 

Download het boekje

Sluiten

Tips bij afspraken

Tips voor uw afspraak met een hulpverlener van CAGGB:

  • Weet wat u wilt vragen én wat u verwacht; schrijf dat van tevoren op een briefje en neem dit briefje mee
  • Bedenk van tevoren altijd: ‘Waarom kom ik nu, met deze klacht, naar deze hulpverlener?’ Doe dat ook bij controleafspraken: ‘Kom ik alleen omdat het moet, of heb ik zelf ook vragen?’
  • Wees altijd eerlijk; onjuiste informatie geven belemmert uw behandeling
  • Bespreek open wat u van de behandeling verwacht, maar ga niets eisen. Een slechte verstandhouding is voor beide partijen onprettig en komt de zorg niet ten goede.
  • Weet welke medicijnen u slikt (ook zelfmedicatie), welke ziekten en behandelingen u in het verleden hebt gehad of nog hebt en/of voor welke stoffen u allergisch bent.
  • Vermeld bijzonderheden desnoods ongevraagd, bijvoorbeeld dat u zwanger wilt worden of dat bepaalde erfelijke ziekten in de familie voorkomen. Bedenk voorafgaand aan een gesprek welke informatie belangrijk kan zijn.
  • Neem -als u dat prettig vindt- iemand mee. Twee horen meer dan één en de ander kan bijvoorbeeld aantekeningen maken, zodat u zich kunt concentreren op het gesprek.
  • Spaar geen vragen op. Als u meerdere vragen hebt, geef dat bij het begin van het gesprek aan; de hulpverlener kan hiermee dan rekening houden.
  • Controleer aan het eind van het gesprek of u de hulpverlener goed begrepen hebt. Geef in uw eigen woorden aan wat u denkt dat er aan de hand is en er gaat gebeuren.
  • Ga uit van de volgende regel: ‘De hulpverlener schiet tekort als ik de uitleg niet snap, maar ik ben zelf verantwoordelijk om te zeggen dat ik het niet kan volgen.’
Sluiten

Transitie Jeugdzorg

In 2015 vond er een ingrijpende wijziging plaats in de gezondheidszorg. De Jeugdwet werd ingevoerd en er wordt sindsdien gewerkt met door de gemeente gefinancierde teams. Deze teams hebben verschillende namen als Jeugdteam, Gebiedsteam, Lokaalteam, Wijkteam et cetera.

Wat de Jeugdwet voor u, uw kinderen en CAGGB betekent wordt uitgelegd in een Youtube filmpje van De Friese Gemeenten.

 

Sluiten

Triage

Triage betekent letterlijk rangschikken. De zorgcoördinatoren van CAGGB voeren triage uit om te beoordelen of voor de verwezen patiënt CAGGB de best passende aanbieder van geestelijke gezondheidszorg is.

Sluiten

Vergoeding van de zorg als je 18 wordt

Als een jongere 18 jaar wordt, dan kan de door CAGGB geboden zorg worden voortgezet. De zorg valt vanaf dat moment onder de zorgverzekeringswet. Er wordt dan een zogenaamd ZorgPrestatieModel-traject (kortweg ZPM) aangemaakt.
GGZ-zorg valt onder het eigen risico. De hoogte van dat eigen risico is afhankelijk van de datum waarop de jongere 18 jaar wordt. Het eigen risico wordt zoals dat heet 'naar rato' verrekend. De startdatum van het ZPM bepaalt welk eigen risico in rekening wordt gebracht. Het ZPM start op de eerste dag waarop een afspraak met de hulpverlener plaatsvindt.

Rekenvoorbeeld

Jan wordt op 31 maart 18 jaar. Jan sluit zoals de wet het voorschrijft een zorgverzekering af per 1 april, waarbij hij € 385,- eigen risico heeft. Jan is al een tijdje in behandeling bij CAGGB en blijft ook na zijn 18e verjaardag het gehele jaar zijn behandeling vervolgen. Zijn eerste afspraak na zijn 18e verjaardag vindt plaats op 17 april. De startdatum van het ZPM is dan 17 april.

Jan moet dan voor de periode vanaf 17 april tot en met 31 december van dat jaar nog € 265,81 eigen risico betalen. Dit bedrag komt als volgt tot stand:

Het ZPM van Jan start op 17 april. De periode van 17 april tot en met 31 december telt 252 dagen.
252 gedeeld door 365 (dagen per jaar) x € 385,00 eigen risico op jaarbasis = € 265,81 eigen risico naar rato voor dat jaar.

Sluiten

Verwijsindex

Er zijn veel organisaties die zich inzetten voor het welzijn van kinderen en jongeren. Soms verlenen meerdere organisaties hulp aan hetzelfde kind of gezin, maar weten ze dat niet van elkaar. Dat is jammer, want hulp werkt pas echt als instellingen dit met elkaar afstemmen en de problemen gezamenlijk oplossen.

Verwijsindex Fryslân

CAGGB neemt deel aan de Verwijsindex Fryslân. Met behulp van deze verwijsindex kunnen betrokken professionals elkaar sneller vinden en zo beter hun aanpak op het kind afstemmen. De verwijsindex is een landelijk digitaal systeem dat alleen toegankelijk is voor professionals die met kinderen werken. In de verwijsindex koppelt de beroepskracht van een instelling zijn naam aan die van het kind. Zo laat hij andere instellingen zien dat hij betrokken is.

CAGGB legt deze koppeling vast voor alle kinderen en jongeren die worden aangemeld. Informatieoverdracht vindt alleen plaats na toestemming van de patiënt en/of de gezaghebbenden.

Bekijk een filmpje over de verwijsindex

Sluiten

Verwijzing

Een verwijzing van uw huisarts, medewerker van een jeugdteam/gebiedsteam van de gemeente of van een aanbieder van basis-ggz is nodig voor onze specialistische ggz-behandeling.

Uw huisarts bepaalt  welke behandeling passend voor u is. De huisarts is een generalist: hij beschikt over een brede deskundigheid over heel veel gezondheidsproblemen. Hij kan u onderzoeken, adviseren en behandelen. Hij weet wanneer het verstandig is om nader onderzoek te vragen of u door te sturen naar een specialist.

Huisartsen (en ook andere specialisten zoals kinderartsen en jeugdartsen) verwijzen vaak via 'ZorgDomein'. Medewerkers van jeugdteams van gemeenten kunnen verwijzen via ZorgMail of ZorgDomein. Ook via het aanmeldformulier op deze website (groene knop) kunnen patiënten naar ons worden verwezen.

 

Sluiten

Weet wat u slikt

Folder 'Slaap- en kalmeringsmiddelen, weet wat u slikt' bevat allerlei informatie over (het gebruik van) slaap- en kalmeringsmiddelen.

Deze folder is een uitgave van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik. Kijk ook op www.medicijngebruik.nl .

Sluiten

Woonplaatsbeginsel

Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente (financieel) verantwoordelijk is voor het inzetten van jeugdhulp of voor het uitvoeren van een maatregel jeugdbescherming of jeugdreclassering.

De verantwoordelijke gemeente voor een kind dat jeugdhulp nodig heeft, is de gemeente waar de ouder met gezag woont; dit is het woonplaatsbeginsel.

 

 

Sluiten

Zorgtoewijzing/beschikking

Nu gemeenten verantwoordelijk zijn voor de vergoeding van onderzoek en behandeling in de jeugd-ggz, willen zij (vooraf) geïnformeerd worden. Dit doen we met een beschikking of zorgtoewijzing. CAGGB moet als aanbieder hiervoor een verzoek indienen bij de gemeente. De toewijzing van zorg door de gemeente moet voor de start van de behandeling in ons bezit zijn.

Verschillende opties:

Een kind of jongere krijgt zorg toegekend via het gebiedsteam of het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). De betrokken gemeente zorgt voor een zorgtoewijzing. Meer informatie hierover vindt u op de website van uw gemeente.

Een kind of jongere wordt naar CAGGB verwezen door een huisarts of medisch specialist. Nadat de aanmelding compleet is (ontvangst verwijsbrief (huis)arts en digitale aanmelding, inclusief toestemming van alle gezaghebbenden), melden wij de verwijzing van uw kind aan uw gemeente. Binnen tien werkdagen ontvangen wij een beschikking van uw gemeente en kan de zorgverlening worden gestart. Binnen vijf werkdagen na ontvangst van de beschikking ontvangt u via het patiëntenportaal een voorstel voor de eerste afspraak.

Hebt u er bezwaar tegen dat wij de verwijzing van uw kind melden aan uw gemeente? Dit heeft consequenties voor de vergoeding van de behandeling. Bij bezwaar verzoeken wij u ons hierover te informeren.

Bij spoed

In spoedsituaties geldt een uitzondering, de zorgtoewijzing van de gemeente kan dan achteraf worden geregeld.

contact